3 fabels over de zonne-energie sector

Momenteel gaat het goed met de Nederlandse zonne-energie sector. Toch blijven er veel vooroordelen bestaan onder zowel consumenten als bedrijven. Dit verbaast Wim Sinke, hoogleraar aan de UvA en zonne-energie manager bij ECN. In dit artikel verklaart Sinke 3 fabels die door sceptici zijn bedacht.
1. Zonne-energie zal altijd een kleine rol blijven spelen in de wereldwijde energievoorziening.

De rol van de zonne-energie sector in Nederland is momenteel nog marginaal. Alle zonnepanelen samen voorzagen maar in 0,1 procent van de totale energiebehoefte. Van de elektriciteit die is verbruikt bestond 0,6 procent uit zonnestroom. In andere Europese landen ligt dit percentage een stuk hoger. In Duitsland ligt het percentage op ruim 5 procent en ook in Italië ligt het percentage maar liefst 8 procent hoger. Het aantal zonnepanelen is echter in twee jaar op rij verdubbeld. Sinke: “Duitsland heeft vrijwel alle zonne-energie installaties in de afgelopen vijf jaar geïnstalleerd. Ondertussen zijn de systemen een stuk goedkoper geworden, wat betekent dat het eenvoudig gaat worden voor Nederland om voor 2020 minstens 5 procent uit zonnestroom te halen.”

Zonne-energie zal in de toekomst een belangrijke rol toegedicht krijgen. Het zijn niet alleen milieugroepen die dit verwachten. Volgens een toekomstscenario van Shell zal zonne-energie in 2100 maar liefst 40 procent van de totale energiebehoefte op aarde opwekken.
2. Nederland kent geen gunstig klimaat voor zonne-energie installaties.

Zonne-energie kan worden bestempeld als de best verdeelde energiebron. De verschillen in opgewekte energie verschillen niet veel tussen klimaten. Wanneer de zonnepanelen te warm worden zullen deze zelfs minder energie opwekken. Bewolking en regen zorgt daarnaast niet voor een verminderde energieopwekking en kan positief uitpakken voor sommige installaties.

Sinke zegt dat de Nederlandse zonne-energie sector onderschat wordt, men focust momenteel teveel op wind-energie. Hij vertelt dat “mensen zich blindstaren door alle panelen op de daken, terwijl er veel meer vierkante kilometers beschikbaar zijn in Nederland.” Daarnaast zijn de installatiekosten van grootschalige zonne-energie vergelijkbaar met die van windmolenparken op zee.
3. Het is goedkoper om zonnestroom in te kopen vanuit zonnige landen en deze te transporteren.

De zon schijnt vaker in zonnige oorden zoals de Shara, maar dit betekent niet dat een zonnecentrale in de woestijn efficiënter is. Er zijn dan namelijk hogere onderhoudskosten en het transport van zonnestroom naar Europa zal zorgen voor energieverlies. Daarnaast gaan de kosten van zonnestroom de komende jaren omlaag, waardoor de transportkosten steeds zwaarder gaan wegen.

Zonnestroom gaat een belangrijke rol spelen voor onze afhankelijkheid. “Eerst was het nodig om olie en gas uit het Midden-Oosten en Rusland te halen, maar dit zal in de nabije toekomst veranderen. Zo kan de energietoevoer afkomstig zijn uit Europese en Noord-Afrikaanse landen,” zegt Sinke.

Het beeld dat een mensen hebben van zonnecentrales in de woestijn is het resultaat van centralistisch denken. Het is eenvoudig om zonne-energie decentraal op te wekken. Voor zonnestroom is het zelfs beter om de stroom op te wekken op de plek waar deze wordt gebruikt of opgeslagen.

Bron: http://www.zonne-energiegids.nl/nieuws/3-fabels-zonne-energie-sector/